Nieuws

Inschrijving Nationale Staalprijs geopend

U wilt kans maken op een Nationale Staalprijs 2024? Het enige dat u daarvoor hoeft te doen, is uw recente staalbouwproject(en) aanmelden voor deelname. Daarna is ’t oordeel aan de vakjury. En misschien bent ú, bij bekendmaking van de uitslag op de Staalbouwdag, wel een van de gelukkige winnaars… . Het inschrijven van projecten kan […]

MKB-maakbedrijven gematigd positief het nieuwe jaar in

Kleinere en middelgrote maakbedrijven in Nederland zijn ingetogen positief over hun actuele en verwachte economische positie, zo blijkt uit de Koninklijke Metaalunie Economische Barometer over het vierde kwartaal 2023. Zowel de binnen- als buitenlandse orderpositie van de bedrijven is gemiddeld genomen stabiel gebleven, het aantal uitstaande vacatures is weer licht gedaald en het leeuwendeel van […]

Inschrijving Neprom-prijs 2024 geopend

Met hun recent afgeronde locatie- en gebiedsontwikkelingsprojecten kunnen projectontwikkelaars, vastgoedbeleggers, gemeenten en andere professionele opdrachtgevers weer een gooi doen naar de Neprom-prijs. Dit jaar staat de tweejaarlijkse prijs open voor projecten die in 2023, 2022 of 2021 zijn afgerond. Aanmelden is mogelijk tot 16 februari a.s. 9 januari 2024 Met de prijs wil de Neprom, […]

Voorbereid op de toekomst? Doe de Flexibiliteitsscan

Is mijn gebouw of gebouwontwerp in staat om verander(en)d gebruik of nieuwe functionaliteit te faciliteren; is het toekomstbestendig? Daar komt u snel achter via de Flexibiliteitsscan op toekomstwaardegebouw.nl. Met deze gratis tool kunt u vlot vaststellen hoe goed een bestaand gebouw of bouwplan ‘scoort’ op flexibiliteit en aanpasbaarheid en wat (nog) nodig is om het ‘adaptief vermogen’ op het gewenste peil te brengen.

17 juni 2023

Duurzaamheid en circulariteit behoren sinds enkele jaren tot de hoofdparameters en -karakteristieken van het ontwerpen, bouwen, gebruiken en beheren van gebouwen. Daarmee staat logischerwijs ook de flexibiliteit van ons vastgoed hoog op de agenda, bij zowel ontwerpers en adviseurs, als opdrachtgevers, gebouweigenaren en -beheerders. Een gebouw, nieuw of bestaand, moet vandaag de dag eigenlijk ‘gewoon’ voldoende, intrinsiek flexibel en aanpasbaar zijn om over 10 jaar, maar ook nog over 30 of 50 jaar te kunnen voldoen aan veranderde functionele eisen.

Adaptief vermogen, bepalend voor de toekomst(waarde)

Beschikt het gebouw over voldoende ‘adaptief vermogen’, dan is ’t relatief eenvoudig om bijvoorbeeld vloervelden opnieuw in te delen, verdiepinghoogten te wijzigen, installaties te vernieuwen, een bouwdeel toe te voegen of juist te verwijderen. Is de adaptiviteit doorgevoerd tot in de losmaakbaarheid van bouwkundige en constructieve delen, dan is ’t zelfs mogelijk om het gehele pand te ontmantelen voor herbouw op een andere locatie of hergebruik van de elementen in een nieuw bouwproject.

Kortom, een adaptief gebouw heeft (de) toekomst. En die toekomst begint nu: door de behoefte aan flexibiliteit vast te stellen en te bepalen óf en in hoeverre het gebouw of gebouwontwerp – nu en later – in staat is om in de flexibiliteitsbehoefte te voorzien. Om daar goed mee te beginnen, is sinds 2022 de Flexibiliteitsscan online. Met deze tool op toekomstwaardegebouw.nl kunt u gratis en ‘in een handomdraai’ de flexibiliteit van uw gebouw of gebouwontwerp beoordelen.

Snel inzicht in flexibiliteit

Op grond van uw input (antwoorden op vragen) brengt de Flexibiliteitsscan eerst de flexibiliteitsvraag bij het bestaande of geplande gebouw in kaart. Daarna toetst de tool in welke mate aan deze vraag wordt voldaan, aan de hand van indicatoren per ‘shearing layer’ van het gebouw: locatie en omgeving, constructie, gebouwschil (dak en gevels), installaties en inbouwpakket. Bij elke gebouwindicator staat een streefwaarde voor de adaptiviteit vermeld. Met vlaggen wordt aangeduid welke indicatoren veel impact hebben op de adaptiviteit.

De output van de tool bestaat uit één overzicht waarop u ‘in één oogopslag’ ziet hoe goed uw gebouw of ontwerp nu al beantwoordt aan de flexibiliteitsvraag en op welke gebouwindicatoren verbetering is gewenst.

De Flexibiliteitsscan vindt zijn oorsprong in een methode uit 2014 voor het bepalen van het adaptief vermogen van gebouwen. Deze methode, opgesteld door Brink Management & Advies en TU Delft en door VNO-NCW gepubliceerd, biedt onder meer ruim 200 indicatoren waarmee het adaptief vermogen en daarmee een belangrijk deel van de toekomstwaarde van een gebouw is vast te stellen.

Na validatie van de methode in 2017, ontwikkelden W/E adviseurs en DGBC in 2021 de rekentool Adaptief Vermogen. Deze tool staat aan de wieg van het thema ‘aanpasbaarheid’ in de bekende assessmentsystemen GPR Gebouw en BREEAM-NL. In aanvulling hierop is een jaar later de Flexibiliteitsscan ontwikkeld. Waar de rekentool uit 2021 het adaptief vermogen meetbaar maakt, geeft de Flexibiliteitsscan van 2022 inzicht in de gevraagde en geboden gebouwflexibiliteit.

  • De tool en meer informatie over de werking, samenstelling en achtergronden vindt u op www.toekomstwaardegebouw.nl
  • Foto: Canon Production Printing Headquarters, Venlo (Broekbakema, © Norbert van Onna).

Ging het jaar 2022 nog als groei-jaar de boeken in, in 2023 en 2024 gaat de bouwproductie in Nederland zeer waarschijnlijk flink afnemen. Dat is de verwachting van het EIB in de ‘Eerste herijking bouwraming’.

17 juni 2023

De Eerste herijking bouwraming, begin juni gepubliceerd, voorziet in een aanpassing van de raming die het EIB (Economisch Instituut voor de Bouw) in januari van dit jaar voor de bouwsector heeft afgegeven. De herijking, begin juni gepubliceerd, is nog meer dan gebruikelijk omgeven met onzekerheden maar nagenoeg zeker is wél dat de bouwproductie in ons land dit jaar terugvalt. Na een groei van gemiddeld 3 procent in 2022 daalt de totale productie in de bouw in 2003 waarschijnlijk met 2 procent. In januari ging het EIB nog uit van 1,5 procent krimp.

In nagenoeg alle deelsectoren is wel een neergang te verwachten, maar de meeste forse is toch wel in de woningbouw-nieuwbouw: –6,5 procent. De nieuwbouw van utiliteitsgebouwen (waaronder bedrijfshallen, kantoren, scholen, zorggebouwen) neemt eveneens af, maar die afname is aanmerkelijk kleiner: –1,5 procent. Beide reducties zijn volgens het EIB in lijn met de afnemende afgifte van bouwvergunningen.

De GWW-nieuwbouw ziet zich geconfronteerd met een daling van 3 procent, maar dat komt volgens het instituut door de sterk gestegen bouwkosten en het drukkend effect hiervan op de bouwbudgetten. Dezelfde factoren liggen ten grondslag aan de teruggang in GWW-onderhoud, met –2 procent.

De verslechterde economische situatie speelt evenzeer een rol bij herstel en verbouw van woningen, maar in dit segment mondt de intensivering van de verduurzaming toch uit in een groei van 3 procent. Utiliteitsbouw–herstel en verbouw moet rekening houden met een terugloop van 3,5 procent, vooral als gevolg van de sterke daling in vergunningafgifte.

2024: krimp zet door

Ook over volgend jaar is het EIB allerminst positief gestemd. Net als dit jaar neemt de totale bouwproductie weer af met 2 procent. De nieuwbouw van zowel woningen als utiliteitsgebouwen gaat fors onderuit, in beide gevallen met 8 procent. Voor de verbouwsector ligt een zonniger jaar in het verschiet. Herstel en verbouw van woningen blijft groeien door aanhoudende duurzaamheidsinvesteringen (+2,5 procent).

De utiliteitsbouw profiteert van de aantrekkende vergunningverlening en van de productie-afname in 2023 waardoor er in 2024 weer wat meer ruimte is voor herstel- en verbouwprojecten (+2,5 procent). Dankzij de expansie in herstel en verbouw blijft de daling van de totale woningbouwproductie beperkt tot 2,5 procent, de daling van de totale productie van de utiliteitsbouw komt uit op 3 procent.

Uitgedrukt in euro’s is totale bouwproductie in twee jaar tijd (2023 en 2024) met ruim 3,5 miljard afgenomen (prijspeil 2021).

En daarna: gematigde groei

Op middellange termijn ziet het Economisch Instituut het ongunstige tij keren. Over 4 jaar, in 2027, is de totale bouwproductie opgelopen naar dik 91 miljard euro. Dat is ruim 2 miljard hoger dan in het groei-jaar 2022.

Duurzaamheidsinvesteringen vormen een belangrijke aanjager van de productiegroei. Op weg naar 2030 zullen deze investeringen alleen maar toenemen en dat geeft een extra impuls aan herstel en verbouw van woningen en utiliteitsgebouwen. Per jaar verwacht het EIB voor deze deelsectoren een groei van gemiddeld 4, respectievelijk 3,5 procent.

Ook voor de nieuwbouw geldt een positief perspectief. Dat komt omdat na 2024 de Nederlandse economie meer gaat groeien en rentes en energieprijzen gaan dalen. De nieuwbouwproductie van woningen stijgt op jaarbasis met gemiddeld 3,5 procent. Op grond van de geleidelijke toename in vergunningverlening zou het aantal nieuwbouwwoningen in 2027 op zo’n 75.000 kunnen uitkomen.

De utiliteitsbouw-nieuwbouw maakt zo’n krachtige ontwikkeling waarschijnlijk niet door. Hier ligt zelfs een kleine teruggang van 0,5 procent in het verschiet. In schuren, stallen en andere agrarische gebouwen en in mindere mate in kantoor-, zorg- en bedrijfsgebouwen wordt weliswaar een behoorlijke aanwas voorzien, maar de productie van overige utiliteitsgebouwen, waaronder die voor de logistiek, zullen fors krimpen. De productie in de GWW neemt in de periode 2025–2027 vermoedelijk met gemiddeld 1,5 procent toe.

Dit is een faketekst. Alles wat hier staat is slechts om een indruk te geven van het grafische effect van tekst op deze plek. Wat u hier leest is een voorbeeldtekst. Deze wordt later vervangen door de uiteindelijke tekst, die nu nog niet bekend is. De faketekst is dus een tekst die eigenlijk nergens over gaat. Het grappige is, dat mensen deze toch vaak lezen. Zelfs als men weet dat het om een faketekst gaat, lezen ze toch door.

Dit is een faketekst. Alles wat hier staat is slechts om een indruk te geven van het grafische effect van tekst op deze plek. Wat u hier leest is een voorbeeldtekst. Deze wordt later vervangen door de uiteindelijke tekst, die nu nog niet bekend is. De faketekst is dus een tekst die eigenlijk nergens over gaat. Het grappige is, dat mensen deze toch vaak lezen. Zelfs als men weet dat het om een faketekst gaat, lezen ze toch door.