Bedrijfsgebouw Pas Reform - Doetinchem

Pas Reform Hatchery Technologies is een internationale onderneming die broedmachines produceert voor de pluimveesector. Voor de overslag en distributie van machineonderdelen heeft Pas Reform een nieuwe bedrijfshal in Doetinchem laten bouwen. Deze moderne hal is zeer efficiënt ontworpen en strak uitgevoerd. Bij de architectenkeuze ging het bedrijf niet over één nacht ijs. Vanwege de ambitie voor een aansprekend en mooi pand tegen een gangbare prijs is eerst een selectie uitgevoerd. De keuze viel op Cepezed. Het pand is door zijn opvallende kwaliteit in 2012 gekozen tot BNA Gebouw van het Jaar voor de regio Oost Nederland.

Het geheim van de hal is dat de structuur en bouwwijze uitstekend zijn afgestemd op de bedrijfsvoering van de opdrachtgever. Ondanks het zeer bescheiden budget heeft het gebouw een ongebruikelijk hoogwaardige uitstraling meegekregen. Dat komt door de zorgvuldige materiaalkeuze en doordachte detaillering. ‘De grootste uitdaging was voor ons om een marktconforme bedrijfshal te maken, die zich onderscheidt door een zelfbewuste identiteit.’ stelt architect Ronald Sleurholts ‘Omdat het bedrijf hecht aan esthetiek met een functionele inslag hebben we simpele industriële materialen gebruikt en die op alle schaalniveaus zeer zorgvuldig en innovatief gedetailleerd.’

Groot open volume

Vanwege de functie van overslaghal voor machineonderdelen is één groot volume gebouwd van ruim 50 bij 88 meter. Voor de constructie is een flexibele opbouw in staal gekozen. Hierbij zijn de kolomafstanden afgestemd op de maten van reguliere palletstellingen. Door toepassing van grote vakwerkliggers zijn overspanningen van 25 m gehaald. Alleen in de middenzone was één rij kolommen van 200 bij 200 mm nodig.

Deze openheid is voor de gebruiker een groot voordeel. In de zuidoost hoek is een tweelaags gedeelte met kantoorruimte, kantine en sanitaire voorzieningen ondergebracht. Deze unit heeft een uiterst dun dak- en vloerpakket waarin bovendien alle installaties zijn geïntegreerd. In de betonnen vloer van de hal is een watervoerend leidingsysteem opgenomen, dat is aangesloten op een energiezuinige installatie voor warmte/koudeopslag in de bodem.

Toegankelijk voor vrachtwagens

Via twee overheaddeuren kunnen vrachtwagens binnenrijden, die inpandig langszij gelost of geladen worden. De deuren zijn bekleed met dezelfde stalen beplating als de gevels, waardoor één gevelbeeld ontstaat. Voor het regulier lossen of laden van vrachtwagen telt het gebouw vier dock shelters. Ze liggen iets naar binnen waardoor ze eveneens in het gevelvlak vallen. De shelterdeuren openen rechtstandig naar boven, zodat intern geen hulpconstructies nodig zijn die bij het af- en aanrijden van vorkheftrucks beschadigd kunnen raken. De shelters zijn voorzien van levellers die op de laadplatformen van de vrachtwagens kunnen worden afgesteld.

Strakke gevels van staal en glas

Kenmerkend voor de gevels is het gebruik van zwart gecoate staalplaat en hoge glazen stroken. De glasstroken brengen het daglicht diep in het pand. Het glas is horizontaal ingeklemd en verticaal gekit. Dat legt een extra accent op de horizontale belijning. De zwarte geveldelen bestaan uit geïsoleerde stalen binnendozen met een buitenafwerking van gecoate damwandprofielplaten. Op de hoeken zijn de profielplaten in verstek gezaagd en de naden dichtgekit, waardoor de gevel overal even strak oogt. Voor de markante entreedeur is een geperforeerde variant van dezelfde profielplaat toegepast.

Bart Aangenendt, de CEO van Pas Reform, is zeer tevreden over het resultaat: ‘Het gebouw is open, prettig voor de mensen om te werken. En het ziet er netjes uit, verzorgd, mooi afgewerkt.’

Projectgegevens

opgeleverd: februari 2011 • start bouw: januari 2010 • locatie: Informaticaweg 14, Doetinchem • opdracht Pas Reform Hatchery Technologies, Zeddam • architectuur: architectenbureau Cepezed • constructief ontwerp: Uniq Consultancy • hoofduitvoering: Bouwteam General Contractors • staalconstructie: Klein Poelhuis Konstruktie • foto’s: Fas Keuzenkamp • citaten: BNAblad #01/13 • redactie: Josine Crone

Delen via